Schrijversblock in Almere

Afgelopen zondag, 10 november, vond voor de derde plaats het Literair Festival Schrijversblock plaats. De opzet van de middag is dat verschillende schrijvers een middag te gast zijn in de (bijzondere) huizen van Almeerders. De festivalbezoekers kiezen hun drie favoriete schrijvers uit het aanbod en gaan achtereenvolgend naar de adressen van de desbetreffende schrijvers. Dit jaar staan er grote namen als Tessa de Loo, Kader Abdolah, Renate Dorrestein, Ernest van der Kwast, Özcan Akyol en Loes den Hollander op het affiche.

Eén van de meest bijzondere dingen van  Schrijversblock is toch misschien wel hoe de bezoekers de gastheren en –dames, de schrijvers en de medegasten netjes persoonlijk groeten. We voelen meteen de huiskamer sfeer, want iedereen stelt zichzelf persoonlijk voor alsof we op visite zijn bij (aangetrouwde) familie. Het is een beetje ongemakkelijk, het is een beetje nieuw en het is vooral knus. Dit moet overduidelijk persoonlijk worden.

Feel good story

De eerste auteur die ik zie spreken is Özcan Akyol, een Deventenaar van Turkse afkomst. Hij debuteerde precies een jaar geleden met zijn autobiografische boek “Eus”.  Vrijwel meteen zat Özcan bij “De wereld draait door” en binnen een week had hij 10.000 exemplaren verkocht. Hij vertelt ons kort zijn verhaal – maar toch langer dan dat eigenlijk de bedoeling was, want van voorlezen komt het niet meer – en de bezoekers hangen aan zijn lippen.

Eus, het hoofdpersonage uit zijn boek is hij zelf. Nederlandse vrienden wisten en weten vaak niet hoe zijn naam uitgesproken moet worden en daarom werd het dan al snel ‘Eus’. Eus’ vader is een tiran die zijn kinderen en vrouw op laat draaien om zijn losbandig leven te financieren.  Net als zijn oudere broers voor hem krijgt Eus de keus opgelegd om na de mavo óf per direct het huis te verlaten óf per direct full-time te gaan werken om daarvan de helft af te staan als ‘kostgeld’. Net na zijn 18e kiest Eus er dan ook voor om op zichzelf te gaan. Een leven van losbandigheid gevolgd door criminaliteit volgt en zo eindigt hij op jonge leeftijd in de gevangenis.

Omdat de zaak in verband waarmee hij is gearresteerd nog behandeld wordt, krijgt Eus een algeheel contactverbod opgelegd. Dit leidt er toe dat hij 23 uur per dag geïsoleerd in een cel zit zonder ook maar enige aansprak van die dan ook. Een gevangenisbewaarder voelt echter medelijden en vraagt of hij een keer mee wil naar de bibliotheek. Het antwoord is ja en na het lezen van alle aanwezige “Baantjer” boeken blijft er alleen nog maar ‘literatuur’ over. Ook daar waagt Eus zich aan en hij realiseert zich dat hij van lezen geniet. Sterker nog, hij krijgt voor het eerst een doel in zijn leven: hij wil schrijver worden…
Het feit dat ik vandaag naar hem zit te luisteren op een literair festival maakt duidelijk dat hij dat doel heeft bereikt.

“Carlos is priester geworden!”

De tweede schrijver die ik vandaag bezoek is Renate Dorrestein. Ze vertelt ons dat ze aan het bijkomen is van de viering van haar dertigjarig bestaan als auteur. Zelf had ze het zo aan haar voorbij laten gaan, maar aangezien haar partner alles aangrijpt als reden voor een groot feest, heeft ze net een week lang feestgevierd. Zichzelf afvragend wat ze bijzonder vond aan haar dertig jaar schrijverservaring, realiseerde ze zich dat er niks zo voelt als het publiceren van je eerste boek. Daarom bood ze jonge schrijvers van nu tijdens haar feestweek een podium, opdat zij een groter publiek zouden bereiken.

Verder deelt ze een aantal opvattingen over het schrijverschap met ons, en richt zich daarbij voor een groot deel op de rol van de lezer. Ze bedankt ons voor het tot leven brengen van haar verhalen en vertelt dat ze verrassend vaak vragen krijgt over hoe het nou toch met bepaalde karakters verder is gegaan. Waar ze daar vroeger de lezer er dan op wees dat haar karakters immers maar fictief waren, realiseerde ze zich later dat dat eigenlijk niet klopt.

Want de lezer blaast het karakter echt leven in.  Daarom, als men haar nu vraagt “Hoe het toch met de kleine Carlos is”, antwoordt ze: “Wat denkt u zelf?”.  Waarop de nieuwsgierige lezer dan zegt: “Carlos is priester geworden!”, terwijl daar helemaal geen indicatie voor was.

Een ander hoogtepunt van haar uurtje met de bezoekers, is haar visie op het schrijven van een verhaal. Ze legt uit hoe ze er van overtuigd is dat verhalen al bestaan voordat ze zijn vastgelegd, als een amorf wezen, dat op de juiste manier moet worden gevangen door de juiste persoon.  Het inspiratiemoment daarvoor vindt ze vaak in actualiteiten. Ook maakt ze een tweedeling tussen alle schrijvers: namelijk zij die een verhaal van a tot z uitstippen voordat ze het daadwerkelijk beginnen te schrijven, en zij die zich door het verhaal zelf laten verrassen. Zelf behoort ze tot de laatste groep: “Ik schrijf zoals de lezer uiteindelijk leest, niet wetende wat er de volgende pagina gebeurt.”

Deze houding zorgt ervoor dat ze eindeloos herschrijft; vaak 12, soms 20 keer wordt het hele verhaal aangepast. Wanneer haar tenslotte wordt gevraagd of met de computer schrijven invloed heeft op haar werk zegt ze: “Ja, vroeger met de pen herschreef ik hoogstens 4 á 5 keer. Met een computer neig je eerder te denken ‘ik laat het even staan en ik kan het altijd nog verwijderen’ . Schrijvend met de pen moet je dus beter nadenken voordat je het opschrijft.”

Verhalen achter het alledaagse

Ernest van der Kwast sloot mijn literaire middag. Hij las enkele odes voor die hij schreef voor zijn Rotterdamse talkshow “De Unie Late Night”. Dit zijn odes die worden opgedragen aan ‘gewone’ helden uit het Rotterdamse bestaan, bekend of minder bekend onder het Rotterdamse volk. Hij beschrijft een taxichauffeur met Gilles de la Tourette , een oudere bardame die stellig blijft roken in haar bar, de eigenaar van een shoarmazaak die al 25 jaar ’s nachts leeft en tóch een gezin met 7 kinderen heeft en een vluchteling die ooit concertpianist in wording was, maar toen zijn droom moest laten varen om simpelweg te overleven. Als luisteraar/lezer kan je er niet om heen dat deze portretten stuk voor stuk zijn geschreven met begrip en liefde.

Om bij het thema liefde te blijven: ook daarover leest Ernest van der Kwast voor uit zijn eigen werk. Zich baserend op nieuwsberichten waarin de romantische liefde een rol speelt, schrijft hij zijn eigen fictieve versie van de geschiedenis in kwestie. Wij worden vanmiddag getrakteerd op zijn versie van het verhaal dat Rafael van der Vaart een kind verwacht van de voormalig beste vriendin van zijn ex-vrouw.  Spoedig daarna haast hij zich de kamer uit. Treinen wachten immers niet, zelfs niet op bekende schrijvers.

Concluderend is het enige wat misschien als iets minder geslaagd zou kunnen worden ervaren,  dat het festival  –voor zover ik het heb gezien – toch voor 95 procent door vijftigplussers wordt bezocht. Gezien het aantal genodigde jonge schrijvers, kan ik me voorstellen dat er wat meer werd gehoopt op een meer even verdeling in leeftijdscategorieën. Maar dit mag de pret verder helemaal niet drukken. Voor mij was de derde editie van het “Literair Festival Schrijversblock” in ieder geval een geslaagde middag. Het is namelijk knap werk om zo’n intiem festival te voorzien van zo’n grote variatie aan (bekende) auteurs.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.