Na het neoliberalisme – Hein-Anton van der Heijden

Titel: Na het neoliberalisme
Auteur: Hein-Anton van der Heijden
Uitgever: Eburon
ISBN: 978 94 630 1121 1

De klimaatverandering is hét hot topic van de laatste tijd. En dat zal het ook nog wel even blijven. Hein-Anton van der Heijden, een politicoloog van de Universiteit van Amsterdam, beschrijft in dit boek wat de link is tussen de moderne neoliberale politiek en het klimaatprobleem. Ook probeert hij een oplossingsrichting te schetsen.

Van der Heijden slaagt deels in zijn opzet.

Om bij het positieve te beginnen: in het eerste deel van het boek beschrijft Van der Heijden de neo-liberale economie. Hierbij stelt hij zo een beetje elk “feit” ter discussie. Bijvoorbeeld dat groei belangrijk is en de economie niet mag krimpen. Of dat privatisering goed is. Met een economisch diploma dat netjes ingelijst aan de muur hangt, ben ik het soort lezer dat dit soort verhalen enigszins sceptisch benaderd. Maar Van der Heijdens’ verhaal lijkt hout te snijden. Het neo-liberale is zo alomtegenwoordig dat we het als feit aannemen, terwijl het “slechts” een inrichtingsprincipe is, net zoals socialisme of collectivisme dat zou zijn. Het neo-liberalisme als het water in de vissenkom. Het is overal, maar we zien het niet. Met dit stuk zet hij aan tot denken.

Gaande zijn betoog weet hij ook de link tussen het neoliberalisme en het klimaatprobleem te leggen. Daarbij komt hij met wat stellingen die contra-intuïtief zijn. Neem bijvoorbeeld het idee van afvalscheiding. Op eerste idee een goed idee. Maar, zo betoogt Van der Heijden, het bevordert wel het idee dat het aan het individu is om de wereld te redden, waardoor de aandacht wordt afgeleidt van weeffouten in het omringende systeem. Een interessante denkwijze.

Dan kijkt de auteur naar de EU, en vertelt hoe deze verzameling landen eind vorige eeuw nog een voortrekkersrol had, maar steeds meer werd overgenomen door het neo-liberale denken. Ook signaleert hij dat het draagvlak voor de EU (legitimiteit) door de ineffectieve aanpak van (onder anderen) de vluchtelingencrisis en de kredietcrisis zwaar onderuitgehaald is.

Dus van Europa hoeven we niet veel te verwachten, is de boodschap die ik uit dit betoog haal.

Hier aangekomen word ik een beetje moedeloos. Enerzijds ben ik geprikkeld om actiever deel te worden van “de sociale beweging”, anderszijds… #hoedan?

Zoeken naar een oplossing.

In het vinden naar de oplossingen lijkt Van der Heijden soms zijn eigen betoog vergeten te zijn. Want, zo zegt hij… de individuele consument moet zich inzetten om een bijdrage aan de oplossing te geven. Hoe zich dat verhoudt tot zijn eerdere stelling dat de focus op het individu heeft afgeleid van een grotere oplossing blijft onduidelijk.

Maar hij gaat verder, door te stellen dat we een sterkere civil society nodig hebben. Een Nederlandse vertaling voor deze term lijkt hij niet te kunnen vinden. De omschrijving (de burger moet zich actief inzetten voor het gemeenschappelijk belang), doet mij echter heel sterk denken aan die verguisde “participatiesamenleving”. Dat Van der Heijden deze term niet kent, lijkt me onwaarschijnlijk. Dus waarom benoemt hij deze niet? Is die term te beladen?

Het probleem is zijn oplossing…

Vreemd, maar dit soort inconsistenties zijn nog wel te vergeven. Maar de uiteindelijke grote oplossing? Die moet komen van een organisatie die boven de lidstaten staat: van een federaal Europa, waarin Burgerschap hoog is aangeschreven. Federaal Europa? Ja. Inderdaad. Volgens Van der Heijden hebben we een krachtig Brussel nodig. Met een sterk parlement en een sterke Commissie. Een Europa dat lidstaten kan dwingen tot uitvoering van gemeenschappelijk beleid.

Europa is dus de oplossing. Het zelfde Europa dat Van der Heijden ruwweg 100 pagina’s eerder als ineffectief had omschreven, als een plek waar waterige compromissen vandaan komen. Als een entiteit zonder legitimiteit.

Hij onderbouwt het allemaal wel met mooie beschouwingen van collega-wetenschappers, dat wel. Maar is het realistisch om naar Europa te kijken als oplossing? Gaat de burger in welke lidstaat dan ook akkoord met de overdracht van meer bevoegdheden naar die “bureaucraten in Brussel”? Ik denk het niet. Om nog maar te zwijgen van alle nationale politici, voor wie dit een uitholling van de machtspositie inhoudt.

Van der Heijden noemt een paar voorbeelden van hoe krachtig Europa tot resultaten komt. Zoals de Natura 2000 gebieden (uit de vorige eeuw) en allerlei succesvolle grensoverschrijdende infra-projecten. Onder die laatste schaart hij trouwens de Betuwelijn, die volgens hem zeer succesvol was. Een onderbouwing van die conclusie ontbreekt, wat jammer is, omdat ik tot nu toe alleen maar heb gehoord dat de Betuwelijn nooit rendabel is en alleen maar ellende heeft opgeleverd.

Helder probleem, troebele oplossing

Kortom, Van der Heijden slaagt er prima in om zijn probleemstelling duidelijk te maken. Ook weet hij helder te maken dat zijn probleem ook echt een probleem is. Bij de oplossing blijft hij echter hangen in de Ivoren Toren der Wetenschap. Bij wensdenken en dromen van een sterkere overheid, die meer van het maakbaarheidsideaal uitgaat. Een overheid met een visie van de richting waarin we moeten gaan, in plaats van een overheid die de trend maar blind volgt. Mooi concept. Absoluut. Maar hoe we daar moeten komen, is onduidelijk.

Waardering: 5,5/10

 


Lees “Na het neoliberalisme” zelf!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *